Zet Bluetooth op de computer aan en start Scratch Link of de verbindingshulp die je browser gebruikt. Zet het apparaat aan, open het verbindingsvenster bij de uitbreiding en kies je apparaat. Sta Bluetooth-toegang toe als de browser of computer daarom vraagt.
Alle sprites en het Speelveld gebruiken hetzelfde verbonden apparaat. Valt de verbinding weg, verbind het apparaat dan opnieuw voordat je verdergaat. Sensorwaarden kunnen tot die tijd blijven staan.
Gebruik een LEGO Education WeDo 2.0-hub met WeDo 2.0-motoren en sensoren. Sluit een motor, afstandssensor of kantelsensor aan op een van de twee hubpoorten. De oudere WeDo 1.0 werkt niet met deze uitbreiding.
Motor A is de eerste poort en motor B de tweede. Zowel motor als alle motoren kiest beide aangesloten motoren. Afstand is een relatieve sensorwaarde, geen aantal centimeters of inches. Kanteling wordt gemeten door de aangesloten kantelsensor, niet door de hub zelf.
Gebruik zet motor uit om motoren zonder eindtijd te stoppen. Andere rijen kunnen dezelfde motoren opnieuw aanzetten. Blijft een motor draaien na het wegvallen van de verbinding, zet de hub dan uit.
Alle blokken van LEGO Education WeDo 2.0
De woorden tussen vierkante haken beschrijven een invoerplaats. In het blok staat daar de gekozen waarde of menukeuze.
zet [motor] [duur] seconde aan
Laat de gekozen motoren met hun ingestelde kracht en richting draaien. Kies motor A, motor B, motor of alle motoren; de laatste twee keuzes besturen beide aangesloten motoren. Vul 0 tot 15 seconden in. Deze rij wacht de gekozen duur, waarna de motoren remmen en uitgaan. Een nieuwe motoropdracht kan de eerdere tijdopdracht vervangen.
zet [motor] aan
Zet de gekozen motoren aan zonder eindtijd. Kies motor A of B, of motor of alle motoren voor beide poorten. De ingestelde kracht en richting worden gebruikt. De rij gaat na ongeveer 0,1 seconde verder en de motoren blijven draaien. Deze opdracht vervangt een eerdere stoptijd; gebruik zet motor uit om te stoppen.
zet [motor] uit
Zet de gekozen motoren uit. Kies motor A of B, of motor of alle motoren voor beide aangesloten motoren. De rij wacht ongeveer 0,1 seconde. Kracht en richting blijven bewaard voor een volgende start.
zet [motor] kracht op [kracht]
Stelt de kracht van de gekozen motoren in en zet ze meteen aan in hun ingestelde richting. Kies motor A of B, of motor of alle motoren voor beide poorten. Vul een aandrijfstand van 0 tot 100 in; waarden daarbuiten worden begrensd. Dit is een motorinstelling, geen krachtmeting in newton. De rij wacht ongeveer 0,1 seconde. Een eerdere stoptijd vervalt, dus gebruik zet motor uit of een nieuwe tijdopdracht om het draaien te stoppen.
zet [motor] richting op [draairichting]
Kiest hierheen, daarheen of omkeren voor de geselecteerde motoren. Kies motor A of B, of motor of alle motoren voor beide poorten. Omkeren wisselt de richting per motor; tweemaal omkeren herstelt de vorige keuze. Een draaiende motor krijgt de nieuwe richting; een motor die uit staat wordt niet gestart. De rij wacht ongeveer 0,1 seconde. De montage bepaalt welke kant een wiel op beweegt.
zet lichtkleur op [kleurwaarde]
Kiest de kleur van het lampje op de WeDo 2.0-hub. Vul een kleurwaarde van 0 tot 100 in. De kleurkring loopt rond, zodat waarden voorbij het einde weer aan de andere kant beginnen. Het getal bepaalt de kleur, niet de lichtsterkte. De rij wacht ongeveer 0,1 seconde.
als afstand [vergelijking] [afstandsgrens]
Start deze rij zodra de afstandssensor aan de gekozen vergelijking voldoet. Kies kleiner dan of groter dan en vul een grens in dezelfde relatieve sensorwaarden in, niet in centimeters of inches. Precies de grens telt niet mee; de invoer wordt niet begrensd op 0 tot 100. Sluit eerst de afstandssensor aan, want zonder sensor kan 0 een kleiner-danvoorwaarde laten starten.
als gekanteld naar [kantelrichting]
Start deze rij zodra de aangesloten kantelsensor minstens 15 graden in de gekozen richting kantelt. Kies omhoog, omlaag, links of rechts; willekeurig betekent een van deze richtingen. De kanteling hoort bij de losse sensor, niet bij de hub. Aanhoudend kantelen start de rij niet steeds opnieuw.
afstand
Geeft de laatst ontvangen waarde van de aangesloten afstandssensor. Het is een relatieve afstandswaarde, geen aantal centimeters of inches. Gewoonlijk wordt een schaal van 0 tot 100 gebruikt, maar het blok geeft de ontvangen waarde zonder extra begrenzing door. Zonder sensor of na loshalen kan de waarde 0 zijn. Er is geen poortkeuze.
gekanteld [kantelrichting]?
Geeft waar als de aangesloten kantelsensor minstens 15 graden in de gekozen richting is gekanteld, en anders onwaar. Kies omhoog, omlaag, links of rechts; willekeurig is waar bij een van die richtingen. Gebruik kantelhoek om het aantal graden te lezen.
kantelhoek [kantelrichting]
Geeft de laatst gemeten hoek van de aangesloten kantelsensor in graden. Kies omhoog, omlaag, links of rechts. Een positieve waarde betekent kanteling in die richting; een negatieve waarde betekent de andere kant op. Omhoog en omlaag geven tegengestelde waarden, net als links en rechts.